http://www.waarheidsvinding.com/?p=1695http://www.telegraaf.nl/binnenland/5748 ... tml?p=15,1http://www.volkskrant.nl/archief_gratis ... erdwijninghttp://misdaadjournalist.web-log.nl/mis ... roege.htmlhttp://misdaadjournalist.web-log.nl/mis ... roege.html
De verdwijning van Lisette Vroege9 January 2010, 10:13 am
Door Waarheidsvinder
Het verhaal begint op woensdagavond 3 juni 1992 rond een uur of half acht, als de 27 jarige Lisette Vroege samen met een vriendin op het terras van de tennisvereniging WOC zit, aan de Zeeweg 5 te Overveen, een plaatsje tegen Haarlem aan. Kort hiervoor heeft Lisette met een vriendin een partijtje tennis gespeeld. De vriend van Lisette is ook op het complex aanwezig maar hij speelt op een andere baan een partijtje.
Rond kwart over negen vind Lisette het wel mooi. Ze begint het koud te krijgen en ze zegt tegen haar vriend dat ze vast naar huis gaat. Ze loopt vervolgens naar haar blauwe Volkswagen Polo die op het parkeerterrein van de tennisvereniging staat en rijdt naar huis, een ritje van ongeveer 10 minuten. Lisette is, op het moment dat zij naar huis gaat, gekleed in een paars trainingspak en witte tennisschoenen. Zij heeft een tennisracket merk Donnay en een blikje tennisballen bij zich.
Thuis is voor Lisette een bovenwoning aan de Kleverparkweg te Haarlem, bestaande uit een kamer met balkon en een keukentje met een douche. Lang zou dat echter niet meer duren want de eigenaren van het herenhuis, waar Lisette’s woning deel van uitmaakte, wilden het pand verbouwen tot een appartementengebouw. Lisette kon dan wel een appartement huren maar de prijzen daarvoor lagen veel hoger dan ze kon en wilde betalen. Er bleef dus niets anders over dan dat ze zou gaan verhuizen en daarom was ze druk op zoek naar een andere woning.
Rond vijf voor half tien arriveert Lisette bij haar woning. Ze parkeert haar auto voor de deur en loopt in de richting van de voordeur, een afstand van enkele meters. Een en ander wordt gezien door 2 buurvrouwen en een toevallig passerend joggend meisje.
Er is ook een oudere buurvrouw die de stemmen van een man en vrouw op straat gehoord denkt te hebben en het leek er volgens haar dat beiden ruzie hadden. Ze is echter niet helemaal zeker van haar zaak. De politie hecht dan ook geen waarde aan deze verklaring omdat de vrouw volgens hen te veel twijfelt.
De vriend van Lisette vertelt later aan de politie dat Lisette de gewoonte heeft om bij thuiskomst haar tennisschoenen beneden uit te doen en haar tennisracket neer te leggen, om te voorkomen dat ze gravel van de tennisbaan mee naar binnen neemt. Om in haar kamer te komen hoeft Lisette vervolgens alleen een tussendeur open te duwen, de trap op te lopen en haar kamerdeur van slot te doen. Alles bij elkaar iets dat nauwelijks enige tijd kost.
Ongeveer een halfuur na Lisette, rond tien uur die avond dus, komt volgens zijn eigen verklaring de 26-jarige vriend van Lisette bij haar woning aan. Hij parkeert zijn auto voor de deur en ziet dan dat er geen licht op de kamer van Lisette brandt. Hij vindt dat vreemd want haar auto en haar fiets staan er wel. Nadat hij met zijn sleutel de voordeur heeft geopend valt hem op dat de tennisschoenen van Lisette en haar tennisracket niet zoals anders beneden achter de voordeur staan. Boven treft hij de deur van de kamer van Lisette afgesloten aan, Lisette is dus kennelijk niet thuis en dat vindt hij heel vreemd. Navraag bij de buren levert niet meer op dan dat men Lisette thuis heeft zien komen.
Om elf uur ’s avonds belt hij de politie maar die reageert zoals zo vaak. “Rustig afwachten” is het advies, “ze zal zo wel thuiskomen”.
Maar Lisette komt niet thuis en omstreeks half twaalf belt de vriend opnieuw de politie maar die ziet nog steeds geen reden in actie te komen. De politie belooft wel wat extra rond te rijden in de omgeving om te kijken of ze Lisette tegen komen.
De volgende dag is Lisette nog steeds niet terug en dan kan de vriend eindelijk bij de politie aangifte van vermissing doen. De politie begint dan een onderzoek.
Er wordt onderzoek gedaan in de auto van Lisette, in haar woning en in de omgeving, maar alles zonder resultaat. Duidelijk is wel dat het tennisracket en de tennisschoenen van Lisette verdwenen zijn.
De politie doet via de media een oproep voor getuigen en dat betekent meestal dat er allerlei mensen zich melden die de vermiste persoon ergens gezien menen te hebben. Dat is ook nu het geval en de politie reist stad en land af, natuurlijk zonder resultaat want waarom denkt men dat Lisette vrijwillig is weggegaan?
Ook grote zoekacties door militairen en leden van de Rotary in de Overveense duinen, een televisieoproep, tienduizend gulden beloning en de posteractie van vrienden leiden niet tot nieuwe aanwijzingen.
Volgens een artikel in het blad Actueel, geschreven ongeveer een half jaar na de verdwijning van Lisette, hebben er aan deze zaak maar 2 rechercheurs gewerkt omdat niet vaststond dat er sprake was van een misdrijf. Politiewoordvoerder Jan Kuijl zegt dat er slechts sprake is geweest van een opsporing naar de verblijfplaats van Lisette. Hij verklaart tegen de verslaggevers: “Als er ook maar één druppeltje bloed was op bijvoorbeeld haar tennisracket was gevonden lag de zaak al anders. Dan zou je redelijker wijs uit kunnen gaan van een misdrijf en werd er wellicht een recherchebijstandsteam van een mannetje of twintig geformeerd. Maar om eerlijk te zijn, ik zou niet weten wat die zouden moeten doen. We hebben namelijk geen enkel aanknopingspunt.”
Wij zien niet in wat een druppeltje bloed voor verschil gemaakt zou hebben. Als het bloed van Lisette zou zijn geweest dan zegt dat verder nog niets want het was haar racket en ze kan wel eens een wondje aan haar handen hebben gehad. Waar het omgaat bij vermissingen is dat je de verschillende scenario’s beschrijft en dan kijkt wat het meest aannemelijke scenario is. Dat scenario ga je dan als eerste onderzoeken, zonder natuurlijk de andere scenario’s uit het oog te verliezen.
In geval van een vermissing zijn er eigenlijk 3 scenario’s te bedenken:
1.Betrokkene is vrijwillig weggegaan en weggebleven
2.Betrokkene heeft zichzelf van het leven beroofd
3.Betrokkene is het slachtoffer van een misdrijf geworden.
Voor de beide eerste scenario’s is geen enkele steun te vinden. Van vrijwillig weggaan lijkt geen sprake zijn want alle kleding van Lisette, haar papieren en bankpas werden thuis aangetroffen. Lisette was een positieve jonge vrouw die geen enkele reden had om spoorloos te verdwijnen.
Voor zelfmoord is ook geen enkele aanwijzing. Er is geen afscheidsbrief gevonden en haar lichaam zou dan ondertussen toch wel gevonden moeten zijn.
De meeste steun is dan ook voor het scenario dat Lisette het slachtoffer van een misdrijf is geworden. Gezien de omstandigheden lijken er in dit geval twee scenario’s mogelijk:
1.Het misdrijf is gebeurd voor haar woning
2.Het misdrijf is gebeurd in haar woning
1. Voor de woning
De afstand tussen de auto van Lisette en de voordeur van de woning was heel kort. Van te voren was niet bekend hoe laat Lisette zou thuiskomen en ook niet of zij alleen of samen met haar vriend zou zijn, per slot van rekening waren beiden die avond op de tennisbaan. Gezien de korte afstand tussen de auto van Lisette en de voordeur moet de dader dan wel nagenoeg voor de woning hebben staan wachten.
Indien het misdrijf buiten voor de woning is gepleegd, betekent dat er sprake moet zijn geweest van een toevallige ontmoeting tussen dader en slachtoffer. Die ontmoeting moet dan nagenoeg direct tot de dood van Lisette hebben geleid want niemand in de buurt heeft haar horen schreeuwen. Theoretisch is dit mogelijk maar het is hoogst onwaarschijnlijk.
Trouwens iemand die net een mens van het leven heeft beroofd wil maar één ding, namelijk zo snel mogelijk wegwezen. Waarom zou hij het risico nemen om met een lichaam te gaan lopen slepen? De kans op ontdekking is dan wel heel groot zeker omdat het nog niet donker was.
Het slepen of dragen van een lijk is trouwens geen eenvoudige zaak en de moordenaar moet dan bovendien de beschikking hebben over een auto om het lichaam in te vervoeren. Die auto moet dan ook nog vlak bij de woning staan en geen van de buren heeft tegen de politie gesproken over een vreemde auto in de straat rond het tijdstip dat Lisette thuis kwam.
Wij achten het daarom de kans dat Lisette op straat het slachtoffer van een misdrijf is geworden heel klein.
2. In haar woning
Het meest waarschijnlijke scenario is daarom dat Lisette in haar woning om het leven is gebracht. We gaan daarvoor even terug naar het verhaal van de vriend van Lisette. Hij zegt tegen de politie dat Lisette na thuiskomst van het tennissen altijd direct beneden haar tennisschoenen uitdoet en haar racket beneden neer zet om te voorkomen dat ze gravel in de woning achter laat.
Als die spullen niet in de woning worden aangetroffen concludeert de politie dat Lisette niet thuis is geweest. In een interview met het blad Actueel zegt één van de twee rechercheurs die de zaak onderzocht hebben: “ Normaal loopt iemand die wil verdwijnen eenvoudig weg. Maar zij is na het tennissen gewoon naar huis gegaan. Ze is alleen nooit binnengekomen.”
Maar dat laatste is volgens ons een voorbarige conclusie. Het feit dat de spullen niet thuis worden aangetroffen wil niet zeggen dat ze er ook niet geweest zijn. De moordenaar kan bewust deze zaken hebben meegenomen om de politie op een dwaalspoor te zetten, om de indruk te wekken dat Lisette niet is thuis geweest. Staging wordt dat in het Engels genoemd. In Amerika is daar veel onderzoek naar gedaan. Uit dat onderzoek blijkt dat wanneer er sprake is van ‘Staging’ dat de dader meestal een bekende van het slachtoffer is die bang is dat bij ontdekking van het misdrijf de politie direct aan hem of haar zal denken.
Dat de dader vermoedelijk een goede bekende is van Lisette wordt ondersteund door het feit dat aan de kamer van Lisette en aan de voordeur van het pand geen sporen van braak zijn aangetroffen. De dader moet dan dus door Lisette moeten zijn binnengelaten of de beschikking hebben gehad over een sleutel.
Het vinden van een schoen en het tennisracket
Enkele maanden na de vermissing, op 28 oktober 1992, wordt tijdens graafwerkzaamheden op de hoek Heussensstraat/Delflaan in Haarlem in de doornstruiken een tennisracket gevonden dat vermoedelijk van Lisette is. Het racket is gebroken. In een sloot langs de Delftlaan tegenover de Heussensstraat, in de buurt van de plaats waar het racket is gevonden, wordt op dezelfde dag een tennisschoen van Lisette gevonden. Kennelijk zijn de beide voorwerpen door de moordenaar daar weggegooid. In de media wordt gemeld dat de goederen zijn aangetroffen op de route van de tennisbaan naar de woning van Lisette. Maar de plaats waar de goederen worden aangetroffen maakt het hoogst onwaarschijnlijk dat de goederen vanuit een rijdende auto zijn weggegooid.
De vondst van de spullen is voor de politie aanleiding een groot onderzoek in de omgeving te starten maar ook dat onderzoek levert niets op. Ook een sporenonderzoek van de gevonden spullen levert niets op en daarna treed de grote stilte in. Lisette is en blijft weg. Zaak gesloten.
Maar heeft de politie niet iets over het hoofd gezien? Waarom zouden de schoen en het racket juist op die plaats door de dader zijn weggegooid?
Het lijkt ons niet waarschijnlijk dat hij dat gedaan heeft om een dwaalspoor uit te zetten want dan had hij de spullen wel op een zodanige plek neergegooid dat ze binnen de kortste tijd gevonden zouden worden. Het lijkt er dus meer op dat de dader gewoon van de spullen af wilde. Maar waarom dan juist op die plaats?
Wij hebben daar wel een idee over maar vinden het niet juist dit idee op dit moment publiekelijk te maken.
Slot
Op 6 juni 2002 is in De Volkskrant een groot artikel over deze zaak verschenen omdat het toen 10 jaar geleden was dat Lisette Vroege verdwenen was. Door de schrijver van het artikel is onder meer gesproken met twee rechercheurs. De rechercheurs spreken tegen de journalist over “een kale verdwijning”. Er is geen stoffelijk overschot, geen motief, er zijn geen bloedsporen, er is geen enkel levensteken. In de “gouden uren”, de eerste uren na de verdwijning, had de politie veel alerter moeten zijn, erkennen zij dan, en meer mensen moeten inzetten om sporen te verzamelen. Omdat er zo weinig aanknopingspunten zijn, komt deze zaak volgens de beide rechercheurs niet in aanmerking voor het cold case squad, het opsporingsteam dat zich bezighoudt met oude, onopgeloste, ernstige misdrijven.
Dit lijkt ons de omgekeerde wereld. Een Cold Case team is er juist voor de schijnbaar onoplosbare zaken, met stil afwachten los je geen zaken op. Gewoon het hele onderzoek opnieuw doen en dan kijken of de zaak inderdaad echt niet op te lossen is. De nabestaanden van Lisette hebben daar recht op.
Voorlopig loopt mogelijk de moordenaar van Lisette nog steeds vrij rond.